Direct na het afkalven stijgt de calciumbehoefte van een melkkoe in korte tijd van ongeveer 20 naar 100 gram per dag, blijkt uit vakliteratuur van rundveedierenartsen. Kan het lichaam die sprong niet bijbenen, dan daalt het calciumgehalte in het bloed en ontstaat melkziekte. Niet elke koe valt daarbij om: tot de helft van de dieren doorloopt een lichtere, slepende vorm die van buitenaf nauwelijks te zien is, maar wel gevolgen heeft voor gezondheid en melkproductie.
In dit kennisbankartikel leest u wat melkziekte is, hoe het ontstaat, waar het in het rantsoen misgaat en wat u eraan kunt doen.
Melkziekte, ook wel hypocalciëmie genoemd, is een acuut tekort aan calcium in het bloed van een koe rond het afkalven. De aandoening verloopt in stadia: van onrust en spiertrillingen in een mild stadium, via een koe die niet meer kan opstaan in een matig stadium, tot diepe sloomheid en zonder behandeling zelfs coma in een ernstig stadium. Melkziekte is een ander mineralentekort dan kopziekte, dat wordt veroorzaakt door een magnesiumtekort en vaker voorkomt rond de overgang naar vers gras in het voorjaar.
Melkziekte ontstaat doordat de calciumvraag van een koe vlak na het afkalven sneller stijgt dan het lichaam kan bijbenen: van ongeveer 20 naar 100 gram calcium per dag, nodig voor de start van de melkproductie en de eerste biest. Het lichaam moet die calcium uit botten en via de darm mobiliseren, en dat proces kost tijd. Een rantsoen tijdens de droogstand dat niet goed is afgestemd op de mineralenbehoefte van de koe, vergroot het risico dat die mobilisatie te langzaam op gang komt.
De eerste tekenen van melkziekte zijn onrust, verminderde eetlust en trillende spieren. In een volgend stadium gaat de koe liggen, lukt opstaan niet meer en voelen oren en poten koud aan. Naast deze klinische vorm bestaat slepende melkziekte: een subklinische, mildere variant die lastiger te herkennen is, maar wel de spierfunctie en weerstand verzwakt. Tot de helft van de koeien maakt volgens vakliteratuur een periode van slepende melkziekte door, met een oplopend percentage naarmate het aantal lactaties toeneemt. Kopziekte is een derde, losstaande aandoening: die ontstaat door een tekort aan magnesium in plaats van calcium en vraagt om een andere aanpak in de mineralenvoorziening.
Preventie van melkziekte begint bij een rantsoen tijdens de droogstand dat is afgestemd op de mineralenbehoefte van de koe, niet pas bij de eerste symptomen. Een mineralenmengsel of premix op maat, in plaats van een standaardproduct, houdt rekening met de uitgangssituatie van de veestapel en het rantsoen. Bekijk wat er per diersoort mogelijk is bij de maatmengsels voor koeien. Blijft een koe ondanks een goed afgestemd rantsoen toch uitvallen, dan is een calciuminfuus door de dierenarts de aangewezen acute behandeling: dat is een veterinaire handeling en geen taak voor de mineralenvoorziening.
Melkziekte draait om calcium, maar rond het afkalven en in de droogstand spelen meer mineralen een rol. Het overzicht hieronder toont de belangrijkste functies en tekortsymptomen.
| Mineraal | Functie | Tekortsymptoom | Gerelateerde aandoening |
| Calcium (Ca) | Spier- en zenuwfunctie, botopbouw en colostrumproductie | Spiertrillingen en niet meer kunnen opstaan | Melkziekte (hypocalciëmie) |
| Fosfor (P) | Energiehuishouding, samen met calcium betrokken bij de botstofwisseling | Verminderde eetlust en zwakte, soms verward met melkziekte | Fosfortekort |
| Magnesium (Mg) | Zenuw- en spierprikkeling, ondersteunt de calciummobilisatie uit botten | Overprikkeling, spiertrillingen en kramp | Kopziekte (hypomagnesiëmie) |
| Natrium (Na) | Vochthuishouding en celfunctie | Verminderde melkproductie en lusteloosheid | Algemeen mineralentekort |
| Kalium (K) | Spier- en zenuwfunctie, zuur-basebalans | Zwakte en verminderde voeropname | Algemeen mineralentekort |
| Zink (Zn) | Huid, klauwen en immuunsysteem | Klauwproblemen en verminderde weerstand | Klauw- en vruchtbaarheidsproblemen |
| Koper (Cu) | Immuunsysteem, vruchtbaarheid en pigmentatie | Verminderde vruchtbaarheid | Vruchtbaarheidsproblemen |
| Selenium (Se) | Immuunsysteem en antioxidantwerking | Nageboorteproblemen en verminderde weerstand bij het kalf | Nageboorte- en weerstandsproblemen |
Tromp BV ontwikkelt mineralenmengsels en premixen die zijn afgestemd op de fase waarin een koe zich bevindt, inclusief de droogstand rond het afkalven. Omdat elke veestapel, elk rantsoen en elke uitgangssituatie anders is, werkt Tromp voor deze mineralenvoorziening met maatwerk in plaats van een standaardmengsel. Fouragehandelaren en diervoederfabrikanten kunnen de gewenste samenstelling laten afstemmen op de rantsoenopbouw van hun klant. Bekijk het aanbod mineralenmengsels voor koeien of vraag een offerte aan voor een samenstelling op maat.
Melkziekte, ook hypocalciëmie genoemd, is een tekort aan calcium in het bloed van een koe vlak na het afkalven. Het lichaam kan de plotselinge calciumvraag voor de melkproductie dan niet snel genoeg bijbenen. Milde gevallen uiten zich in onrust en spiertrillingen, ernstige gevallen leiden tot een koe die niet meer kan opstaan. Bij twijfel is direct overleg met de dierenarts nodig.
De eerste symptomen van melkziekte zijn onrust, verminderde eetlust en trillende spieren. In een volgend stadium gaat de koe liggen en lukt opstaan niet meer, met koude oren en poten als bijkomend teken. Zonder behandeling kan de koe in coma raken. Herkent u deze signalen, schakel dan direct een dierenarts in.
Het verschil zit in de ernst en de zichtbaarheid. Bij melkziekte is het calciumtekort acuut en duidelijk zichtbaar, tot een koe die niet meer opstaat. Bij slepende melkziekte is het tekort milder en subklinisch: de koe blijft op de been, maar heeft wel een verzwakte spierfunctie en weerstand. Tot de helft van de koeien maakt volgens vakliteratuur een periode van slepende melkziekte door, vaker naarmate het aantal lactaties toeneemt.
Melkziekte en kopziekte zijn twee verschillende aandoeningen. Melkziekte ontstaat door een tekort aan calcium vlak na het afkalven. Kopziekte ontstaat door een tekort aan magnesium en komt vaker voor rond de overgang naar vers gras in het voorjaar. Beide vragen om een andere aanpak in de mineralenvoorziening van het rantsoen. Bekijk de mogelijkheden per diersoort bij de maatmengsels voor koeien.
Melkziekte ontstaat doordat de calciumbehoefte van een koe na het afkalven in korte tijd fors toeneemt, van ongeveer 20 naar 100 gram per dag volgens vakliteratuur van rundveedierenartsen. Kan het lichaam onvoldoende calcium mobiliseren uit botten en voeding, dan daalt het calciumgehalte in het bloed. Een rantsoen tijdens de droogstand dat niet goed is afgestemd op de mineralenbehoefte vergroot dat risico.
Een mineralenmengsel of premix dat is afgestemd op de droogstandsperiode helpt melkziekte voorkomen doordat het de calciumhuishouding van de koe ondersteunt in de aanloop naar het afkalven. Tromp BV ontwikkelt dergelijke mengsels op maat voor diervoederfabrikanten en fouragehandelaren. Bekijk de mineralenmengsels voor koeien of vraag een offerte aan voor een samenstelling die past bij uw rantsoen.